BRAAKLAND/ZHEBILDING - MUZIEKTHEATERGEZELSCHAP

Vnawebflyer2013 - uitsnede
Vrijdagen2010 chantal acda (true bypass) kristofvanperre
Vermaak na arbeid - wannes cappelle het zesde metaal
Vermaak na arbeid - De Kift 25 jaar
Vermaak na arbeid - ellen schoenaerts kwartet - cfilipvanroe
Ellen schoenaerts02 - vermaak 2011 - freek verdonckt
Vnawebflyer2013 - uitsnede Vrijdagen2010 chantal acda (true bypass) kristofvanperre Vermaak na arbeid - wannes cappelle het zesde metaal Vermaak na arbeid - De Kift 25 jaar Vermaak na arbeid - ellen schoenaerts kwartet - cfilipvanroe Ellen schoenaerts02 - vermaak 2011 - freek verdonckt

BZB Vrienden & Medewerkers
wordvriend
wordvrijwilliger

Vermaak na Arbeid: INBEV AWOE met Lady Angelina!
KASPAR: "Wij waren eens in een rare stemming...
Pasmans Dwaallicht: "Guiding Light" (Cob...

Audio - algemeen

Kaspar in Interne Keuken (Radio 1)

You are missing some Flash content that should appear here! Perhaps your browser cannot display it, or maybe it did not initialize correctly.

reageer

Nieuwsbrief

Beheer uw nieuwsbriefinschrijvingen
Selecteer de nieuwsbrief(ven) waarop u wilt in- of uitschrijven.

In de pers - algemeen

06/09/2012 Terugblik Vlaanderen: een... De Theatermaker
13/03/2013 Kaspar in De Werft Het Nieuwsblad...
07/03/2013 Braakland/ZheBilding brengt... De Morgen

Kalender - algemeen

Er staan op dit ogenblik geen voorstellingen van deze productie (meer) in de kalender.

Aangesproken (TAZ à la BZB: een inleiding)

deel
BZB012 adriaan - jimmy kets 0

“Ik ben een beweging van de mond geworden” (Peter Handke in Zelfbeschuldiging)

Ergens midden in de jaren ’90 was ik een stille getuige bij de dappere pogingen van Pieter De Buysser, Benjamin Verdonck en andere scheldapen om in Antwerpen een speaker’s corner uit de grond te stampen. Zoals die in Hyde Park in Londen. Een plek waar wie wil zomaar het woord mag nemen ten aanzien van wie daar oren naar heeft. De eerste ging door op de Meir - op een drukke zaterdag - en had redelijk wat impact. Het stadsbestuur legde daarom een verhuis op naar het stille, ongevaarlijke Conscienceplein. Waar het initiatief een langzame dood stierf…

Wat ik er niettemin aan heb over gehouden, is een woord, een begrip. Dat van ‘de taaldaad’. Instinctief heb ik altijd gegruwd van de uitspraak ‘geen woorden, maar daden’, maar voor die tijd wist ik niet helemaal waarom. Het inzicht echter dat spreken ook een daad kan zijn, een fysieke daad zelfs, een beweging van de mond, vond de jongen die ik vroeger was dan ook simpelweg verbluffend.

En dat ben ik blijven vinden. Stijn Devillé, Els Theunis en ik hebben er een decennium later een gezelschap op gebouwd. Eén dat altijd rechtdoor speelt. Altijd iets tracht te vertellen. Ironie en ijdelheid vermijdt. Vandaar allicht dat we die Grote Romantische Komedie (compleet met sterrencast!) die al jaren bij ons op de plank ligt, maar niet gemaakt krijgen. Maar wel Lied, Over naar jou – weer over naar jou, Hebzucht en Hitler is dood. Theater dat het van gesproken woord moet hebben.

Het verklaart ook waarom wij ons aangetrokken voelen tot een voorstelling als De Grote MonD van Skagen, die compleet uit speeches is opgetrokken. Of die van Lisbeth Gruwez en Voetvolk. In It’s going to get worse and worse and worse, my friend wordt de taaldaad pas echt een fysieke daad. Een complete speech wordt omgezet in dansbewegingen. Jawel. Dat hoort u goed.

Even symbolisch voor TAZ à la BZB is No Time for Art van Laila Soliman, de Egyptische geliefde van onze ex-klasgenoot Ruud Gielens. Nu lopen er wel meer klas-, school-, en generatiegenoten van ons op TAZ rond dit jaar (Ivan Vrambout, Hein Mortier, Joost Vandecasteele, Jurgen Delnaet,...) en die hebben gemeen allemaal ietwat van het ‘geëngageerde’ type te zijn. Maar alleen Ruud speelde het klaar om zijn eigen artistieke plannen – zij het tijdelijk – op te bergen voor wat je gerust een hoger doel mag noemen: het werk van zijn vrouw. 

No Time for Art is een naar theaternormen (theater is doorgaans een verschrikkelijk traag medium) bijna rechtstreeks verslag van de verwikkelingen in en om het Tahrirplein in Caïro de voorbije jaren en is het ‘documentair theater’ waar het voor door moet gaan ver voorbij. De titel zegt het al. “Geen tijd om het in een artistiek vormpje te gieten: hier is gewoon wat wij te melden hebben.”

Maar het hoeft niet altijd expliciet. In het groepswerkje dat wij met Gevoelige Mensen maakten, wordt net een punt gemaakt door het maatschappelijk gebeuren dat de vier personages omgeeft, consequent te ontkennen. Maar ook deze voorstelling bevat een mini-stukje politieke speech. Een sample uit een toespraak van Jean-Marie Dedecker over het oprichten van bootcamps voor onaangepaste jongeren. “Want wie niet horen wil…” zegt Dedecker, “wie niet horen wil, moet voelen.” Precies dat waar Gevoelige Mensen zo goed in zijn…  

In Willem Elsschots Het Dwaallicht gebeurt iets gelijkaardigs. Het verhaal speelt zich af vlak voor de Tweede Wereldoorlog, werd ten dele tijdens de Tweede Wereldoorlog geschreven en vlak na de Tweede Wereldoorlog uitgegeven. Elsschots boekje verzwijgt echter één ding: de Tweede Wereldoorlog. Dat is geen toeval. In onze bijna gelijknamige voorstelling maakt een welgemikte cover van D.A.F. (Tanz der Mussolini) het nazisme niettemin even voelbaar. Om meteen ook een bruggetje naar het Antwerpen van de eenentwintigste eeuw te slaan. 

Over die stad berichten ook Johan Petit en Martha!Tentatief, die we opvoeren in een duoformule met de meest inhoudelijk georiënteerde rapper van het land: Tourist Lemc. Allebei hebben ze het over het leven in de regio 2060-2140 (Borgerhout) en beiden met evenveel liefde voor zowel de schone als de lelijke kanten van Het Ontembare Leven aldaar.

Maar ook onze eigen stek is vertegenwoordigd: Leuven. Cie. Tartaren toont een kant van verreweg de meest welvarende stad van het land, die eigenlijk niemand kent: de armoedige. Middels spelers uit sociaal zwakkere kringen en een intelligente bewerking van Tsjechovs Oom Wanja, stelt Ivan Vrambout in Nonkel Wanj een ander belangrijk TAZ 2012-thema present: de economische crisis.

Zoals ook de sociaal-artistieken van De Figuranten dat doen in Autorenbaan. En zij hebben zelfs meteen een alternatief voorhanden: recyclage. Oude bommakasten werden opgehaald in kringloopcentra, op hun kant gedraaid (met de deuropeningen naarboven), van wielen voorzien en zo omgebouwd tot racewagens voor kinderen. Knutselen is ‘in’, zo is al langer duidelijk. En niet zomaar. Om een reden. 

Met Hebzucht maakte Stijn Devillé een leerstuk over de crisis. Een ‘leerstuk’, jawel. Dat moet geleden zijn van die andere crisistijd: de vroege jaren ’70. Waren wij toen al geboren eigenlijk? Het bracht recensenten en andere theaterwetenschappers aardig in de war. Zeker als Stijn op het einde ook nog met iets komt aanzetten dat wel heel erg op ‘een moraal’ gelijkt. 

Nochtans is het zoiets waar we aan toe lijken te zijn. Een nieuwe moraal. Eentje voor de eenentwintigste eeuw. En dan heb ik het niet over een dwingende moraal van waarden en normen, discipline en fatsoen. Die behoort tot het verhaal dat aan vervanging toe is. Zoals Hebzucht natuurlijk geen moralistisch leerstuk is van het roepen van leuzes en zwaaien met de vlag, maar een tragedie voor de eenentwintigste eeuw. Eén die niet langer tragisch is voor de veroorzakers van de tragiek (die zijn er met het geld vandoor naar prettiger oorden), maar voor al wie stilletjes achterblijft en de gevolgen mag dragen…

Onze mond opendoen. Stand van zaken maken. Dat is wat we op deze TAZ lijken te gaan doen (de rest is onderweg!) En dit via een medium dat zich daar bij uitstek toe leent. De kunst van het hier en nu: het theater.

Kris Cuppens doet het in het autobiografische Lied alvast wat zijn eigen leven betreft. Joost Vandecasteele in Otaku voor de rest van de wereld. Met het nodige cijfermateriaal. En rechtop vooral. Recht in uw gezicht. Zoals ook die andere generatiegenoot van ons, Jurgen Delnaet (De Tijd), te werk gaat in zijn oerschreeuw Berckmans.

Zo zijn er nog tientallen kruisverbanden te vinden in het programma. Voor wie ze allemaal wil ontdekken, biedt de TAZ-brochure uitkomst. Bij elke voorstelling die BZB speelt of uitnodigt, vind je een verwijzing naar voorstellingen die er inhoudelijk aan verwant zijn. Zo wordt het hele festival één inhoudelijk kluwen. Exact wat we bij aanvang voor ogen hadden.

De resterende regels gebruik ik graag om melding te geven van iets anders waar we met BZB op inzetten tijdens Theater Aan Zee. Iets dat eigen is aan ons genre: het muziektheater. Niet alleen spelen er behalve heel wat theatermakers ook nogal wat muzikanten op onze uitnodiging. Maar ook hier slaan we vele bruggen. 

Niet voor niets staat de Macbeth van Zuidpool als muziekevenement op het programma. Met Mauro Pawlowski en Tijs Delbeke in de gelederen slaagden de Zuidpolers erin om de meest concertante theatervoorstelling in jaren te maken. In Lonesome no More maakt Tip Toe Topic de omgekeerde beweging. Elko Blijweert, Saar v/d Leest en Joris Caluwaerts serveren een stuk toneel namens drie muzikanten. Daarbij beroepen ze zich ondermeer op compleet in onbruik geraakte theatrale middelen als mime (!) en schimmenspel (!!). Of neem Wagon. Een woordenloze muziekvoorstelling van Nicolas Rombouts en diezelfde Joris Caluwaerts, die we overdag voor kinderen spelen en ‘s avonds laat, bij wijze van ‘concertje voor het slapengaan’ voor grote mensen (en voor kinderen die schandalig laat naar bed mogen).

Het festival afsluiten doen we met de allerlaatste voorstelling van Dansen Drinken Betalen in wat de allerlaatste ‘vuile’ concertplek van het land moet zijn, eentje met een toepasselijke naam: Club Terminus. We spelen ze dan ook in de clubversie. Voor staand, zittend, rondhangend publiek en met een bar die openblijft. Want dat is alles bij mekaar misschien wel de kern van een festival als Theater aan Zee: een bar die openblijft. Alwaar wij elkander kunnen ontmoeten of wederzien.

Adriaan Van Aken, namens Braakland/ZheBilding.