Kalender - algemeen
|
|
Een modern koningsdrama
‘Hebzucht’ van Braakland/Zhebilding toont de noodlottige ondergang van een fictieve grootbank met de dramatische kracht van een klassieke tragedie. De tekst van Stijn Devillé doet ons voor even de financiële crisis begrijpen.
De financiële crisis is al vaker onderwerp geweest van interessante films, theater, literatuur en beeldende kunst. Meer zelfs, een goed opgebouwde fictieve vertelling over de economische catastrofe heeft vaak meer overeenkomsten met een Shakespeariaanse tragedie dan je op het eerste zicht zou denken.
De nieuwe tekst van Stijn Devillé, die eerder al de Nederlandse Taalunie toneelschrijfprijs won voor het stuk 'Hitler is Dood', is opnieuw een sterk doorwerkte en gelaagde tekst. Meer zelfs, het stuk slaagt erin om de toeschouwer de financiële crisis te doen begrijpen, voor even dan toch. Devillé doet dat onder andere door een klein meisje (zijn dochter) af en toe als koor of verteller te laten tussenkomen, en soms heel moeilijke marktmechanismen in eenvoudige kindertaal uit te leggen. Haar monologen staan op een mp3-spelertje dat ze af en toe laat afspelen terwijl ze kinderlijk onschuldig de zaal inkijkt. Meteen ontmaskert ze zo de hele economische luchtbel, die niet meer lijkt dan een uit de hand gelopen kinderspel. Het plot van deze tragedie is gekend, de afloop valt te voorspellen. Als toeschouwer volg je de noodlottige ondergang van een fictieve grootbank, vertrekkend vanuit de economische hoogdagen tot aan het ontwortelende eind.
Devillé gebruikt daarvoor geloofwaardige personages vervuld van hebzucht. Ik blijf bij deze bespreking graag even de beelden uit de Shakespeariaanse tragedies gebruiken: Dirk Buysse is zeer sterk als de oude koning die vergroeid is met de nationale politiek én met belangen in zijn bank. Zijn zachte,mooie stem en subtiele vertolking verhult een aangeboren inhaligheid, een zachte graaicultuur die alleen het eigenbelang en dat van de familie veilig stelt. Jorre Vandenbussche en Sara Vertongen zijn zijn troonopvolgers, elk op een eigen manier. Sara, als dochter Gwendolyn, bestuurt het land in verval als minister van financiën, Jorre, de gehaaide schoonzoon, bestuurt de bank als financieel directeur en wonderkind. Ondertussen ontspint zich tussen hen een menselijk drama van gemis en ontlopen liefde. Michaël Pas voorspelt als een financieel ziener met een geniale hoek af de ondergang, terwijl hij er zelf steeds rijker van wordt. Kris Cuppens is de griezelige CEO van dienst. Een manipulatieve marionet aan het hoofd van het bedrijf. Een man die is opgebouwd uit valse Engelse krachttermen. Met ontspoorde hebzucht en vastberadenheid stuurt hij alle werknemers naar een griezelige afgrond. Alvorens weg te lopen, aast hij graag nog op een strak onderhandelde bonus. Stijn Devillé speelt ook heel even zelf mee als verstopte manipulator/premier op de achterscène.
Alle scènes worden grotendeels rechtstreeks met het gezicht naar het publiek gespeeld. Dat kan ook niet anders omdat de acteurs afwisselend in tien microfoons op statief moeten spreken. Dat moet zo om de poëtisch dreigende soundtrack van Rudy Trouvé tot zijn recht te laten komen. Trouvé , samen met Gunter Nagels en Gerrit Valckenaers, gebruikt daarvoor niet alleen muziekinstrumenten maar ook afgedankt recyclagemateriaal. Gebroken glas, metaal en een trillende elastiekje zorgen via een samplemachine voor een bevreemdend klankdecor. Daardoor geeft de voorstelling af en toe de suggestie van een spreekconcert, een live-performance van de financiële ondergang. De vertolkingen lijden niet onder deze, vind ik, technische beperking. Aan het eind spelen de microfoons ook een metaforische rol in het geheel. Maar toch lijkt me deze aanpak de grootste handicap van de voorstelling. De acteurs hadden nog mooiere prestaties kunnen leveren zonder deze beperking.
De tekst van Devillé bevat subtiele verwijzingen naar wat de bankencrisis aanrichtte in ons land. In de naamgeving van zijn personages zitten grappige verwijzingen naar de Vlaamse liberalen. Het gedrag van de beleidsmakers van de grootbank knipogen aardig naar de benarde positie waarin de Dexia-holding zich bevindt. Alleen op het eind toont de tekst een kleine zwakheid wanneer Sara Vertongen misschien een beetje te prekerig een monoloog moet brengen, op het moment dat alle hoofdrolspelers als schijnheilige bangeriken in slow motion de scène ontvluchten.
‘Hebzucht’ blijft een boeiende hedendaagse tragedie. De noodlottige plot kon misschien iets gebalder verteld worden in tijd. Dit moderne koningsdrama verdient een blijde intocht langs alle CC’s van de Vlaamse provinciën.








